29-01-05

78 - Le nouveau Voltaire est arrivé


Professor Matthias Storme kreeg donderdagavond van de klassiek-liberale denktank Nova Civitas de Prijs van de Vrijheid 2004. Een verslag hiervan op LVB.net. Enkele bedenkingen.

M.Storme gebruikt Aristoteles' morele paradigma over de "deugd" ("une crête entre deux penchants") eigenlijk in een politieke context. Storme bedoelt het niet zo, maar het is wel symptomatisch voor sommige discussies in de discussiedraad onder LVB.net's item, waar moraal, politiek, wet, voortdurend door mekaar worden gehaald.

Persoonlijke moraal, publieke moraal (vaak ver-engd tot de goede zeden), wet (de staat als scheidsrechter en geweldsmonopolist) en politiek (hoe maakbaar is de cultuur en de economie) zijn gewoon drie aparte dimensies.
Je kan m.a.w. best emotioneel en/of moreel afkerig zijn van neofacisme, homofobie, pedofilie, fundamentalisme, xenofobie, pornografie, collectivisme, (de "scoundrels"¹) en tegelijkertijd het absolute recht voorstaan om resulterende meningen te uiten, èn dergelijke zaken al of niet literair te beschrijven of af te beelden.
Voltaire: "Je déteste ce que vous dites, mais je me battrai jusqu'à ma mort pour que vous ayez le droit de le dire".

In Vlaanderen/België/Nederlands draait deze discussie vooral rond het Vlaams Belang en zgn. "racisme", in landen als de VS (met bvb. de "Hustler" case van Flint) en Canada (het geval Robin Sharpe - die Canada zelfs tot een wetswijziging noopte) vooral rond pornografie. In feite gaat het om hetzelfde, dimensie-overschrijding. Los van het feit dat moraal vaak subjectief is en ieders "scoundrels" vaak anders zijn, draait het in het vrijheidsdebat imho om Recht.

Er bestaat, naast moraal-recht, nog een andere dimensie-overschrijding in deze discussie, en dat is die tussen politiek en recht (in casu het recht op vrij meningsuiting). Als ik Storme goed gelezen heb pleit hij voor het recht op het uiten van discriminerende meningen, en het uiten van het voornemen om in de praktijk te gaan discrimineren. Storme heeft het nergens over discriminerende praktijken zelf.
Volgens het recente vonnis van het arbitragehof (gedeeltelijke vernietiging van de anti-racisme-wet) mag je dus straffeloos beweren tegen het verhuren van huizen aan Marokanen te zijn, beweren dat je zelf nooit verhuurt aan Marokanen, anderen oproepen om hetzelfde te doen - maar als er kan worden bewezen dat je effectief een Marokaan hebt geweigerd - dan pas ben je strafbaar.

Ten eerste, tactisch gezien zijn verordeningen tegen discriminatiepraktijken nutteloos. Ze weerspiegelen een naief geloof in de maakbaarheid van de sociale werkelijkheid. Je kan de absolute vrije meningsuiting (los van de morele en rechtsdimensie) zelfs tactisch verdedigen als uitlaatklep, onder het motto, blaffende honden bijten niet. Een anti-discriminatie of negationisme-wet verandert de meningen en de praktijken niet, hoogstens gaan die ondergronds. De heksenjacht van het CGKR bezorgt geen enkele Marokaan een nieuwe job. De rigide taalwetten hebben niet kunnen verhinderen dat de Brusselse Rand hopeloos verfranst is.

Ten tweede, de staat zelf *doet* aan discriminatie. Het quotum allochtonen bij terwerkstelling in bedrijven is zo'n vorm van "positieve" discriminatie. In de VS heeft het aanleiding gegeven tot een verhit debat.
De staat (als geweldsmonopolist) doet ook aan het opheffen van discriminaties. Nozick, zelfs als anarchist, vindt dat de basistaak van de "minimal state":
"a night-watchman state, which protects only against violence, theft, fraud, and breach of contract, could be legitimate, even without the consent of all those to be governed".
Diefstal ontneemt me mijn basisrecht op eigendom. De staat mag met wetten diefstal strafbaar maken en de dief met geweld (en tegen zijn zin) tot restitutie dwingen en straffen.

Het zgn. homohuwelijk (waarbij Storme advokaat was bij een hogere rechtbank om deze wet onsuccesvol aan te vechten) is een rechtzetting van een discriminatie in de wettelijke praktijk van de staat zelf. Namelijk de ontzegging aan gelijkslachtige partners om een burgerlijk huwelijkscontract aan te gaan onder dezelfde voorwaarden als ongelijkslachtige partners. Als dusdanig behoort het zgn. homohuwelijk tot de basistaken van de minimal state zèlf. Maar tegelijk blijven Storme en Beliën als notoire "homofoben" (?) het absolute recht hebben om deze wet aan te vechten en zelfs hun afkeer en near-religieuze afkeer van homosexualiteit openlijk te belijden.
Net zoals het het recht is van de holebi-federatie om hen een homofobie-prijs uit te reiken.

Uiteindelijk hebben we allemaal onze eigen "scoundrels". Los van het voorwerp van de discussie gaat het betoog van Storme eigenlijk over de _vrijheid_. Storme en Beliën hebben eventueel andere "scoundrels" dan jij of VH, maar dat raakt de kern van hun betoog niet. Een betoog dat mutatis mutandi ook tegen _hun_ veronderstelde (ik weet het niet) religious right beliefs zou kunnen worden gebruikt.

Dat het een morele plicht was om voor het VB te stemmen bij de jongste verkiezingen (sic. Storme) is daarom niet echt een boutade. Imho was het inderdaad een _plicht_, niet moreel maar rechtelijk-politiek. Wat men imho bij Storme moet lezen is niet een pleidooi voor de (veronderstelde) politieke agenda van het VB, maar een pleidooi voor een basisrecht.
Voltaire, "je déteste ce que vous dites, mais ...".

____________________________________
¹ H.L. Mencken, (geciteerd door Paul Belien), de bekendste Amerikaanse journalist van vorige eeuw, zegt:
"The trouble with fighting for human freedom is that one spends most of one's time defending scoundrels. For it is against scoundrels that oppressive laws are first aimed, and oppression must be stopped at the beginning if it is to be stopped at all."

Links:
LVB.net
Matthias Storme
Nova Civitas
Nozick
Voltaire

Foto: M.Storme, ontleend aan LVB.net.

18:08 Gepost door VH | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.